Veel is er de afgelopen maanden al geschreven over de kredietcrisis. Ook in Lelystad worden de gevolgen langzaam merkbaar. Voor het college reden om de gevolgen te onderzoeken en in verschillende scenario's uit te werken zodat die betrokken kunnen worden bij de voorjaarsnota die de komende maanden opgesteld gaat worden.
Het vele schrijven en de grote aandacht in de media van de afgelopen maanden gaat vooral over de effecten op korte termijn. De enorme aandacht zorgt er bovendien voor dat, zonder het probleem te bagatelliseren, het consumentenvertrouwen tot een dieptepunt is gedaald. Dit terwijl de koopkracht voor 2009 er zelfs op vooruit gaat.
Zoals de aandacht op dit moment uit gaat naar de gevolgen op de korte termijn, ligt ook de oorzaak van de crisis voor een belangrijk deel bij het handelen naar een perspectief op korte termijn. De grote banken en financiële instellingen hebben zich wereldwijd sterk uitgebreid. Toen producten en diensten die men vanouds aan bedrijven en particulieren verkocht steeds minder winstgevend werden, zocht men meer en meer toevlucht tot nieuwe producten, waarbij speculatie niet uit de weg werd gegaan. Het systeem leidde tot het nemen van onverantwoorde risico's en moedigde het najagen van korte termijnwinsten aan. Kwartaalcijfers werden daarbij belangrijker gevonden dan solide bankieren. Banken hebben daardoor de stabiele factor in de economische en maatschappelijke samenleving verloren, met een enorm effect als gevolg.
Als het gaat om oplossingen moet er uiteraard op korte termijn gereageerd worden. De dingen van de dag die als gevolg van de huidige crisis om een antwoord vragen, mogen niet genegeerd worden. Belangrijker is het echter om verder te kijken. Bij dat verder kijken horen bijvoorbeeld het naar voren halen van geplande investeringen die als gevolg van gunstige aanbestedingen interessant zijn om nu te doen. Niet alleen vanwege de gunstige aanbesteding maar ook om voorbereid te zijn op het tijdperk na deze crisis.
Nog belangrijker is het om te kijken naar veranderingen in de maatschappij die zich de afgelopen decennia hebben voorgedaan en die vragen om een strategische lange termijn visie. Zo zijn we overgegaan van het Industriële tijdperk naar het Kennis- en innovatietijdperk. Dat betekent dat de factor kapitaal en arbeid, belangrijk in het industriële tijdperk, plaats maken voor kennis en innovatie.
Kennis en het beschikken over informatie gaan de centrale hulpbronnen vormen van de economie in de 21e eeuw. Ontwikkelingen in wetenschap en techniek zullen naar verwachting in hoog tempo blijven plaatsvinden. Nederland kan in de kenniseconomie een belangrijke en leidende rol innemen. Dat vraagt wel om andere inzichten om daar slagvaardig op in te kunnen spelen. Het is belangrijk om bij het zoeken naar oplossingen van de huidige crisis dat mee te wegen en ook vooral te investeren in technologische vernieuwingen.
(Bron: www.jaaplodders.nl)